Op tien mei 1940 om half vijf valt het Duitse leger het oosten van het nog steeds neutrale België binnen. Hoewel de inval allang wordt verwacht, rukken de Duitsers snel op. De vesting Eben-Emael in Luik wordt geruisloos door zweefvliegtuigen vanuit de lucht ingenomen. De Maas en het Albertkanaal worden overgestoken, het grootste deel van onze luchtvloot op de grond vernield. Bij de inval stelt koning Leopold zich aan het hoofd van de troepen, de hulp van Frankrijk en Groot-Brittannië wordt ingeroepen... maar tevergeefs. Na achttien dagen van militair verzet, neemt de koning op 28 mei de beslissing om te capituleren. Dit leidt tot een breuk met de Belgische regering die, zonder hem, in ballingschap naar Londen gaat.
De chaos is enorm. Honderdduizenden vluchtelingen proberen Frankrijk in die dagen te bereiken. Ook het lot van de Belgische krijgsgevangenen is onzeker. Zij belanden voor korte of langere tijd in kampen. Een voorproefje van wat velen in de bezettingsjaren staat te wachten.
|